# Meet Locaties Van Bomen Of Sproeiers Op Een Gazon

Er zijn twee manieren om dit te bereiken. Je kunt dit doen binnen één enkele meting, of door eerst een meting te voltooien en daarna een extra laag toe te voegen. We leggen beide opties uit, inclusief de voor- en nadelen — te beginnen met een enkele meting.<br>

## Enkele Meting

**1. Meet de Omtrek van het Gazon**\
\
-[ ](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/een-meting-starten-en-beeindigen)[Begin](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/een-meting-starten-en-beeindigen) met het meten van de omtrek van het gazon.\
\
\- Keer terug naar het startpunt zonder de meting te beëindigen. \
\
**2. Leg Bomen Vast**

* Wijzig het traceerpad naar [**Puntenpad**](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/meettypes-begrijpen).
* Loop naar de eerste boom en [plaats het apparaat](https://docs.moasure.com/nl/moasure/meettechniek/beheers-plaatsing) op de locatie van de boom. Herhaal dit voor alle boomlocaties.
* Kun je een boomlocatie niet binnen het aanbevolen [tijdsbestek van 6–8 seconden](https://docs.moasure.com/nl/moasure/meettechniek/beheers-tempo) bereiken? Schakel dan over naar [**Negeer**](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/bewerk-opties/negeren) voordat je naar de volgende locatie loopt en stop even tussenin. Deze tussenstops worden dan als negeerpunten gemarkeerd en zijn visueel te onderscheiden van de andere punten.
* Je kunt ook achteraf punten als "genegeerd" markeren.

**3. Voltooi de Meting**\
\
\- Beëindig de meting zodra alle boomlocaties gemarkeerd zijn.

## Werk met Lagen

1. **Meet de Omtrek van het Gazon**\
   \
   -[ ](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/een-meting-starten-en-beeindigen)[Begin](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/een-meting-starten-en-beeindigen) met het meten van de omtrek van het gazon.\
   \
   \- Keer terug naar het startpunt en[ beëindig](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/een-meting-starten-en-beeindigen) de meting.<br>
2. **Voeg een Nieuwe Laag toe**\
   \
   \- Voeg een nieuwe laag toe door rechtsonder op het **Lagen**-icoon te tikken en vervolgens op **Laag toevoegen**.\
   \
   \- Je wordt gevraagd om het apparaat op het **Gedeelde Startpunt** te plaatsen — dit is het beginpunt van de eerste meting (basislaag).\
   \
   \- Zodra het apparaat stil ligt op het gedeelde startpunt, wordt gevraagd om het apparaat te verplaatsen naar een willekeurig punt op de eerste referentielijn.\
   \
   \- Tijdens deze twee stappen gebruik je automatisch het **Negeerpad**. Hierna word je gevraagd een ander padtype te kiezen, zodat de app begint met tekenen.<br>
3. **Leg Bomen Vast**

* Schakel over naar het [**Puntenpad**](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/padtypes-begrijpen).
* [Plaats het apparaat](https://docs.moasure.com/nl/moasure/meettechniek/beheers-plaatsing) bij elke boomlocatie en herhaal dit totdat alle bomen zijn vastgelegd.
* Net als bij een enkele meting kun je het **Negeerpad** gebruiken als je een locatie niet snel genoeg kunt bereiken, en later ook punten negeren.<br>

4. **Voltooi de Meting**\
   \
   \- Beëindig de meting zodra alle boomlocaties gemarkeerd zijn.

## Boom- en Sproeierlocaties Bekijken

\
**1. Bekijken in de App**<br>

* In de app zie je zowel de gazonomtrek als de punten die de boomlocaties vertegenwoordigen.
* Als je een enkele meting hebt gebruikt, staan ze op één laag. Bij gebruik van Lagen worden ze op aparte lagen weergegeven.
* Standaard zijn beide zichtbaar op het canvas, maar met Lagen kun je ze afzonderlijk verbergen.
* Een bijkomend voordeel van Lagen is dat je je meting in delen kunt uitvoeren en tussendoor kunt opslaan. Bij een fout hoef je dan alleen de betreffende laag opnieuw te meten.
* Een nadeel van Lagen is dat je extra nauwkeurig moet werken bij het starten van een nieuwe laag — als dit niet goed gebeurt, kan de hoek afwijken.
* Tik op een willekeurig punt (in de omtrek- of puntenlaag) om de bijbehorende[ X, Y, Z-coördinaten te bekijken](https://docs.moasure.com/nl/moasure-app/inspecteer-punten-en-randen).

\
**2. Bekijken op PDF**<br>

* Wil je coördinaten zien in een PDF-export? **Label** de punten vóór het exporteren.
* Coördinaten van punten die via **Puntenpad** of **Negeerpad** zijn gemeten en **niet gelabeld** zijn, verschijnen niet in de PDF-export.
* Als het tonen van coördinaten op de PDF niet essentieel is, kun je het labelen overslaan — de punten blijven wel visueel zichtbaar in de tekening.
* Gelabelde punten worden mét bijbehorende coördinaten weergegeven in de sectie “Gelabelde Punten” op de PDF.
